Direct naar navigatie

Verkeer en vervoer

Door: Stadsarchief Vlaardingen, Periode: 3000 v. Chr. - heden, Thema's: Verkeer en vervoer

Er zijn van die dagen dat de Nederlandse wegen dicht lijken te slibben. Probeer op een doordeweekse ochtend maar eens de Randstad te bereiken met de auto. Meer dan 300 km file tijdens de ochtendspits is al lang geen uitzondering meer en ‘verkeersinfarct’ is ondertussen een bekend begrip. Treinreizigers zijn vaak niet beter af. Kleine en grote vertragingen zijn schering en inslag en niemand is nog echt verbaasd als een trein uitvalt. Het vervoer via de weg of het spoor is duidelijk niet altijd een pretje!

Lang leve het water

Eigenlijk mogen we niet klagen, want vroeger was het nog veel erger. Goed onderhouden en verharde wegen zijn een redelijk nieuw fenomeen. Pakweg een eeuw geleden moest men het stellen met onverharde wegen, vaak niet meer dan modderige paadjes. In een nat en drassig landschap als dat van Vlaardingen was vervoer over water millennia lang veel efficiënter.

De kano van de Vergulde Hand lag ondersteboven.Het oudste vaartuig uit Vlaardingen is gevonden op de ‘Vergulde Hand’. In 2005 groeven archeologen er een lange kano op die dateerde uit circa 683 voor Chr. (Vroege IJzertijd). Dat is de periode dat boeren voor het eerst het veenlandschap gingen ontginnen. Ook in de Romeinse Tijd maakte de lokale bevolking nog gebruik van kano’s. Op het bedrijventerrein 'Hoogstad' troffen archeologen in 1996 een kano aan die was hergebruikt als waterdoorlaat (duiker) in een dam.

Naar de steven oplopend deel van een Vikingschip. Foto: Doro Keman.Een ander type vaartuig ontdekten de onderzoekers bij een opgraving op de Markt. In grafkisten uit het begin van de 11e eeuw was hout verwerkt dat kwam van schepen. Twee fragmenten waren wel heel bijzonder. Het ging om transportschepen die gebouwd waren volgens de scheepsbouwtraditie van Deense Vikingen. Ze vervoerden goederen tussen het vaste land en Engeland.

Tot in de 20e eeuw bleven waterwegen erg belangrijk voor het vervoer van personen en goederen. Los van de talrijke vissersschepen was de trekschuit één van de belangrijkste transportmiddelen. Vanaf 1654 was dit het enige vaartuig dat passagiers mocht vervoeren tussen Vlaardingen en Delft. Paard en jager (ruiter) trokken de schuit voort, dus erg snel ging dat niet. Toch bleef de trekschuit tot het einde van de 19e eeuw een erg populair vervoersmiddel. In de Vlaardingse haven werd in 1871 een ander vaartuig in dienst genomen. Pontjes vervoerden er tot 1922 goederen van de ene naar de andere oever. De Vlaardingse Stoombootmaatschappij stelde vanaf 1868 een regelmatige dienst in tussen Vlaardingen en Rotterdam, Schiedam, Maassluis en de eilanden in Zuid-Holland. In 1951 werd zelfs nog het wagenveer tussen Vlaardingen en de Petroleumhaven in Rotterdam in gebruik genomen. Uiteindelijk moest dit veer net als de andere vaartuigen baan ruimen voor de verschillende transportmiddelen over land.

Timmeren aan de weg

Een deel van een takkenpad zoals archeologen het aantroffen op de 'Vergulde Hand'.De oudste stukjes ‘weg’ in Vlaardingen troffen de archeologen aan op de ‘Vergulde Hand’. De IJzertijdboeren namen het drassige veenlandschap voor lief. Om enigszins droge voeten te houden, legden ze takkenpaden aan vanaf hun boerderijen. Verder vulden ze grotere kuilen in veelgebruikte routes op met boomstammen en takken.

Met de komst van de Romeinen naar onze streken werd het vervoer over land iets belangrijker. Zij legden een heel netwerk van wegen aan voor militaire doeleinden. Een 6 m brede en 1 m hoge aarden baan, bedekt met schelpen, liep langs de noordelijke oever van de Maas. Op de Peutingerkaart, een middeleeuwse kopie van een Romeinse reiskaart, is deze weg afgebeeld. Het plaatsje ‘Flenio’ lag vermoedelijk ter hoogte van Vlaardingen. De Romeinse baan is hier echter nog niet gevonden.

De oudste Vlaardingse wegen, die ook vandaag nog zichtbaar zijn, dateren uit circa 1000 AD. De kaden Groeneweg en Broekweg beschermden de grafelijke ontginningen. Deze ontginningswegen leidden verder nergens naartoe en eindigden in het moeras. De Holyweg, Kethelweg en Zuidbuurtseweg vormden daartegen de verbinding tussen Vlaardingen, Schipluiden, Delft, Kethel, Maasland en later ook Maassluis. De enige goede landweg naar Maassluis en Schiedam-Rotterdam was de Maasdijk. Deze werd in de 12e eeuw aangelegd, maar bleef tot 1810 onverhard. Vanaf toen moest er tol betaald worden om de weg te gebruiken.

Vaarwel ros, welkom ijzeren paarden

Een 19e-eeuwse haringsjees. Foto: Museum VlaardingenPaard en kar, koets, paardenomnibus, hondenkar, handkar, bokkenwagen en benenwagen domineerden tot circa 1910 het straatbeeld. Hun dagen waren echter bijna geteld.

Aan het einde van de 19e eeuw groeide de kleine vissersplaats Vlaardingen snel uit tot het centrum van de visserij en haringhandel. De weginfrastructuur was hier echter niet op voorzien en het transport ging erg moeizaam. In 1875 jubelde Vlaardingen dan ook toen besloten werd een spoorweg aan te leggen tussen Rotterdam en Hoek van Holland. De bevolking moest echter nog 16 jaar wachten voor ze de eerste trein het station aan de Parallelweg zag binnenrijden. Het tweede Vlaardingse station, dat van Vlaardingen-Oost, opende pas in 1956. Nog eens 13 jaar later was het de beurt aan station Vlaardingen-West.

In 1918 vestigde zich in Vlaardinger-Ambacht de rijwielfabriek BENZO (Bakker en zoon). In 1930 verhuisde de fietsenfabriek naar het centrum. In 1985 sloot het bedrijf waarbij veel Vlaardingers ooit hun eerste fiets kochtenOp 7 juli 1899 mocht Vlaardingen de eerste automobiel verwelkomen. Dit ronkende paard mocht zich in het begin in Vlaardingen niet sneller voortbewegen dan een paard in matige draf. De auto veroverde zijn plekje op de weg en was al snel niet meer weg te denken. De cijfers van de tol bij Vijfsluizen uit 1929 zeggen genoeg. Gemiddeld passeerden er per dag 796 gemotoriseerde voertuigen en 2.135 fietsen! Het ooit zo populaire paard en wagen werd maar 52 keer geteld en de hand-en hondenkarren kwamen gemiddeld maar 27 keer voorbij. Een nieuw tijdperk was duidelijk aangebroken.

Publicatie

Harm Jan Luth e.a. 2001: Ach Lieve Tijd Vlaardingen, 1000 jaar verkeer en vervoer, Zwolle.

Video's

Het spoor naar Vlaardingen deel 2 (canonreeks deel 6)

In deze aflevering in de canonreeks van Oud-VlaardingenTV volgen we de komst van het spoor naar Vlaardingen. In 1839 reed de eerste trein in Nederland, maar pas in 1891 kwam hij voor het eerst in Vlaardingen: een stukje algemene en Vlaardingse geschiedenis. Over hoe dat kwam en hoe dat verder ging praten we met spoorwegkenner Peter Zuydgeest

 

Reacties