Direct naar navigatie

Dagelijks leven

Door: Stadsarchief Vlaardingen, Thema's: Dagelijks leven

Onze gezinssituatie, vrienden, woonplaats, werk en duizenden andere factoren bepalen ons dagelijkse doen en laten. In Vlaardingen gaat het leven zijn gewone gangetje en af en toe gebeurt er iets speciaals. De stad en zijn inwoners zijn voortdurend in beweging en dat is altijd zo geweest. Toch?

Jan met de pet

Hoewel we veel weten over de geschiedenis van de stad, tasten we vaak in het duister over de dagelijkse bezigheden van haar inwoners. De geschreven bronnen in het Stadsarchief gaan wel terug tot de middeleeuwen, maar bieden vooral informatie over de laatste drie eeuwen. De bewaarde teksten vermelden belangrijke gebeurtenissen voor land, stad of burger. Ze getuigen ook van geschillen die het leven kleurden. Wat ‘Jan met de pet’ de hele dag deed, vertrouwde men meestal niet toe aan papier.

Een vrouwelijk lid van de familie Van 't Woudt (mandenmakers) op het plaatsje van haar woning aan het Westnieuwland (ongedateerd, circa 1900)Soms geven officiële documenten, zoals het eerste verslag van het gemeentebestuur van Vlaardingen uit 1853, wel een idee van wat er in de stad speelde. Zo werkten de meeste mannen in de visserij of in een gerelateerd ambacht en heerste er grote armoede. Hoe sober het leven in die tijd kon zijn, bewijzen de eerste zwart-witfoto’s. Vanaf de tweede helft van de 19e eeuw zorgen deze kiekjes letterlijk voor een kijkje in het leven van alle dag.

Er was eens...

Maar hoe ging het er eigenlijk aan toe in de middeleeuwen of de prehistorie? Tja, voor een groot deel van ons verleden hebben we geen geschreven bronnen. Gelukkig laten mensen onbewust ook andere dingen na voor het nageslacht. Uit de voorwerpen die onze voorouders verloren en het afval dat zij achterlieten, kunnen archeologen een beeld schetsen van het leven in die vroege tijden.

De onderkaak van een wild zwijn dat gedood is door mensen van de Vlaardingen-Cultuur.Sommige gewoonten en gebruiken lijken eeuwenlang niet of nauwelijks te veranderen. Zo leefden mensen vele millennia van de jacht, visvangst en het verzamelen van vruchten, knollen en planten. De omgeving van Vlaardingen met zijn verschillende landschappen en bijbehorende voedingsbronnen was ideaal voor deze levenswijze. Voor zover wij nu weten, bezochten de eerste mensen het Vlaardingse grondgebied rond 3.900 voor Chr. Hoewel zij al veeteelt en akkerbouw kenden, bleef de traditionele levenswijze veruit het belangrijkste.

De mensen van de Vlaardingen-Cultuur gebruikten stenen om graan te malen.Ongeveer 1000 jaar later, toen de mensen van de Vlaardingen-Cultuur zich hier vestigden, was dat nog steeds het geval. Het neolithiseringsproces, oftewel de overschakeling naar veeteelt en akkerbouw, was echter niet te stoppen.

Een boerengemeenschap

Na een lange periode, waarin een uitgestrekt moeras bewoning in de regio erg moeilijk maakte, kwamen er weer mensen in ‘Vlaardingen’ wonen. Rond 650 voor Chr. trokken boeren het veengebied in en bouwden daar hun woonstalhuizen. Hoewel de vorm van deze gebouwen wel veranderde, bleef het principe van een woon- en stalgedeelte onder één dak tot in de middeleeuwen populair. De dagelijkse huishoudelijke activiteiten vonden plaats rond de centrale haard in het woongedeelte.

Impressie van een woonstalhuis in de IJzertijd. Illustratie: Ulco Glimmerveen.Vanaf de Late IJzertijd (circa 250 voor Chr.) vernatte het veengebied weer en vestigden de boeren zich op de oeverwallen. Het water in de kreken probeerden ze te beheersen door dammen en duikers aan te leggen. Dit was een grote innovatie en lang werd gedacht dat de Romeinen deze vernieuwing invoerden. Met de komst van de Romeinen veranderde er inderdaad veel. Zo kwam er gedraaid aardewerk, nieuwe bouwmaterialen zoals tufsteen en dakpannen, een muntstelsel, een centraal bestuur, nieuwe mode…

De nieuwe mode: een bespijkerde schoenzool. Dat niet alles veranderde, illustreren bijvoorbeeld de spinsteentjes en weefgewichten die eeuwenlang dezelfde vorm behielden. Over de eeuwen na de Romeinse tijd weten we weinig. De meeste mensen lijken het Vlaardingse grondgebied te verlaten, mogelijk omdat het te nat was om er te wonen.

Handel en visvangst

Rond de 8e eeuw ontstond er een kleine nederzetting op de oevers van de kreek de Vlaarding. Deze eenvoudige gemeenschap van boeren groeide gestaag vanaf het einde van de 10e eeuw. Het dorpje was goed gelegen en trok de aandacht van de voorouders van de Hollandse graven. Eén van hen stichtte er een grafelijk hof van waaruit de wildernis werd ontgonnen. Zijn nakomeling Dirk III gaf een belangrijke impuls aan de groei van ‘Flaridingun’. Handel werd steeds belangrijker en de nederzetting ging deel uitmaken van een internationaal handelsnetwerk. Vanaf 1080 kende het zelfs een eigen muntslag.

Een replica van een 11e-eeuwse Vlaardingse munt.Vlaardingen bleef groeien dankzij de bemoeienis van de Hollandse graven. Rond 1156 gaf graaf Dirk VII zelfs de opdracht om er een grote tufstenen kerk te laten bouwen. Een verwoestende overstroming in 1163 verstoorde echter deze plannen. Een deel van de grafelijke ontginningen ging verloren en de graaf verloor zijn interesse in Vlaardingen. Dit had grote gevolgen. Hoewel de nederzetting in 1273 nog wel stadsrechten kreeg, groeide Vlaardingen niet echt meer. De ooit zo veelbelovende handelsnederzetting werd nooit een echte handelsstad. In de eeuwen daarna gingen de bewoners zich steeds meer toeleggen op de visserij en de tijd bleef er stilstaan. Pas in de 20e eeuw kon Vlaardingen de achterstand inhalen die het had op de andere Hollandse steden.

Reacties