Direct naar navigatie

Tijd van steden en staten 1000-1500

Door: Vlaardings Archeologisch Kantoor, Periode: 1000 - 1499

Graaf Dirk II sticht een hof in Vlaardingen. Onder het bewind van de graven groeit de kleine nederzetting uit tot de belangrijkste plaats in het graafschap dat later Holland gaat heten. Aan de voorspoed komt abrupt een eind wanneer de zee en de rivier zich laten gelden.

Wildernisregaal

De graaf van Holland, Dirk II, kreeg van de Duitse Keizer Otto III in 985 het zogenaamde wildernisregaal. Dat hield in dat hij het recht had om de wildernis, die eigendom was van de keizer, te ontginnen. Kort daarna stichtte de graaf in Vlaardingen een hof van waaruit hij deze ontginningen coördineerde.

Archeologisch onderzoek heeft restanten van een grafelijk hof aan het licht gebracht ter hoogte van het Liesveldviaduct en het Van Schravendijkplein. Het omgracht terrein is circa 70 bij 100 meter groot. Recent onderzoek van het aardewerk uit de gracht wijst er op dat het terrein gebruikt werd in de 12e eeuw. Voorheen namen archeologen aan dat hier al rond 1000 na Chr. een hof was aangelegd. Een C14-datering van een vlijlaag uit de gracht wees in die richting. Waar nu het eerste grafelijke hof gezocht moet worden, is niet bekend.

Illegale tol

Aan het begin van de 11e eeuw was graaf Dirk III hier aan de macht. Hij had een illegale tol ingesteld op de Maas en plunderde volgens de Tielenaren hun schepen. Hierdoor kwam de handel op Engeland vrijwel stil te liggen. In 1018 stuurde de Duitse keizer een leger richting Vlaardingen om de opstandige graaf een lesje te leren. Het tegenovergestelde gebeurde! De graaf versloeg met hulp van omwonende boeren het keizerlijke leger. Niet minder dan 900 keizerlijke soldaten vonden de dood. Dit scenario herhaalde zich in 1047.

Graafschap Holland

Dankzij deze overwinningen konden de graven hun machtsbasis uitbouwen en uit dit graafschap ontstond het graafschap Holland. De handelsnederzetting Vlaardingen werd één van de belangrijkste, zo niet dé belangrijkste verblijfplaats van de graven. De West-Friese graven noemde men in de 11e eeuw ook wel 'Vlaardingers'.

Rond 1080 had Vlaardingen een eigen muntslag. Rond 1156 startte zelfs een groots bouwplan om de eenvoudige houten kerk te vervangen door een - voor die tijd zeer groot - tufstenen gebouw. Blijkbaar had de graaf grootse plannen met Vlaardingen.

Nedergank van Flardinga

De grote overstroming die Vlaardingen op 21 december 1163 trof, maakte een einde aan de glorieuze tijden. De dijk sloeg over meer dan 2 km weg en een dik kleipakket overdekte het landschap tot enkele kilometers landinwaarts.

De ontginningen gingen voor een belangrijk deel verloren en de graaf verloor daardoor zijn interesse voor Vlaardingen. Hij staakte de bouw van de kerk en zijn opvolgers verbleven steeds vaker in andere plaatsen zoals Leiden, Haarlem en Dordrecht. Aan het begin van de 13e eeuw kreeg Vlaardingen nog wel stadsrechten, die in 1273 officieel op papier bekrachtigd werden. Het was echter meer een echo van het roemruchte verleden dan een belofte voor de toekomst. Vlaardingen groeide nauwelijks, terwijl andere steden groeiden als kool. Aan het einde van de 14e eeuw was Vlaardingen de kleinste stad van Holland.

Reacties