Direct naar navigatie

Tijd van jagers en boeren - 3000 v. Chr.

Door: Vlaardings Archeologisch Kantoor, Periode: 8000 v. Chr. - 2999 v. Chr.

10.000 v.Chr. Nederland is een woestijn, een ijskoude wind waait over de vlakte. Groepen jagers trekken achter de mammoeten aan. Dan begint langzaam de aarde op te warmen. De grote dieren sterven uit en de dorre vlakte vult zich met bossen en moerassen. De mensen wennen aan het klimaat en maken nu jacht op kleiner wild. Duizenden jaren lang blijven ze jagen en verzamelen. Tot ze kennis maken met twee uitvindingen uit het Midden-Oosten: landbouw en veeteelt.

Landbouw en veeteelt

Rond 10.000 v.Chr. doen mensen in het Midden-Oosten een geweldige ontdekking. Uit zaadjes groeien planten! Ze strooien zaad van wilde graan op de grond en wanneer ze later terugkeren staat er een veld vol graan. Wat jammer alleen dat de wilde dieren ook van het graan eten. Daarom blijven de mensen voortaan de wacht houden bij het graan. Alleen hoe komen ze nu aan vlees? De dieren trekken steeds weg, dus als ze daar achter aan moeten jagen, dan blijft het graan onbewaakt. Ze besluiten een paar wilde geiten te vangen en… niet op te eten. In gevangenschap planten de geiten zich voort. Een deel van de geiten kunnen ze nu opeten, en met enkelen fokken zij verder. Zie hier! De eenvoudigste vormen van landbouw en veeteelt.

Landbouw en veeteelt in Nederland

Landbouw en veeteelt verspreiden zich maar langzaam over Europa. Rond 5500 v.Chr. bereikt de kennis Nederland. In Limburg vestigen zich de eerste boeren. Waarschijnlijk hebben de mensen in Nederland dan weinig contact met deze vreemdelingen. Want ze blijven leven van jacht en verzamelen. Pas 1000 jaar later passen de jagers-verzamelaars de 'nieuwe' kennis mondjesmaat toe, maar ze verlaten zeker niet de oude tradities.

De eerste boeren

Op de donk in Vlaardingen zijn rond 3900 v.Chr. mensen actief. Ongetwijfeld zijn dit jager-verzamelaars, maar even waarschijnlijk hadden zij ook al kennisgenomen van veeteelt en landbouw. Of zij die kennis hier toepasten, weten we niet. Op donken in andere plaatsen is dat al wel vastgesteld, in Vlaardingen is hier nog geen onderzoek naar gedaan.

De laatste jagers-verzamelaars

In West-Nederland zijn ze heel traditiegetrouw. De mensen van de Vlaardingen-cultuur kennen al jaren het boeren bestaan. Sterker nog: zij hebben ook hun eigen vee en akkers. Toch blijven zij nog veel jagen en verzamelen. En dat is geen wonder: de delta zat vol gevogelte en wild! En dat boerenbestaan is maar zwaar: akkers omploegen, de stal uitmesten. Nee, dat was geen verbetering voor de Vlaardingen-mens. Jagen was veel gemakkelijker.

Reacties